Het CTR inzien na overlijden
U kunt als belanghebbende (bijvoorbeeld als erfgenaam) zelf inzage nemen in het CTR. Hiervoor kunt u een digitale aanvraag indienen op de website van het CTR. Vervolgens krijgt u een lijst met alle geregistreerde akten. Bij iedere akte is de datum vermeld en de naam van de notaris die de akte in bewaring heeft. Het CTR weet niet wat er in de betreffende akte staat. Wel heeft iedere akte een code waaruit blijkt wat voor soort akte het is. Bij het CTR worden namelijk meerdere soorten akten ingeschreven. Behalve een testament kan bijvoorbeeld ook een schenking worden geregistreerd. Daarover later meer.
Voor informatie over de inhoud van het testament moet u bij de betreffende notaris zijn. Die beoordeelt of u recht heeft op een kopie.
Als u op zoek bent naar het laatste testament, dan heeft u misschien ook een verklaring van erfrecht nodig. Dat is een notariële akte waaruit blijkt wie de erfgenamen zijn en wie bevoegd is om hen te vertegenwoordigen. U kunt deze akte bijvoorbeeld nodig hebben om toegang te krijgen tot de bankrekening van de overledene. In dit geval hoeft u zelf het CTR niet in te zien omdat de notaris dit voor u doet. U kunt hier een verklaring van erfrecht online aanvragen bij NuNotariaat.
Wie heeft recht op een kopie van het testament?
Iedere erfgenaam heeft recht op een kopie van het laatste testament. Maar er zijn nog meer personen die het laatste testament mogen inzien:
- De executeur mag uiteraard ook een kopie opvragen bij de notaris.
- Een onterfd kind kan een (gedeeltelijke) kopie opvragen. De notaris beoordeelt welk deel van het testament het onterfde kind mag inzien.
- Schuldeisers van de overledene kunnen ook recht hebben op een (gedeeltelijke) kopie.
- De belastingdienst krijgt altijd een volledige kopie van het laatste testament.
Vanzelfsprekend kan het testament pas worden geraadpleegd nadat iemand is overleden. Bij leven mogen derden niet weten wat er in een testament staat. De regels voor het inzien van testamenten vindt u in de artikelen 49, 49a en 49b van de Wet op het notarisambt.
Welke akten worden geregistreerd bij het Centraal Testamentenregister?
Testamenten zijn niet de enige akten die bij het CTR worden ingeschreven. Op grond van de Wet op het centraal testamentenregister worden de volgende akten ook centraal geregistreerd:
- Schenkingen die pas na het overlijden van de schenker worden uitgevoerd. Een bekend voorbeeld hiervan is de zogenoemde papieren schenking. Een schenking op papier houdt in dat u een schenking doet die u nog niet direct overmaakt. Hierdoor ontstaat er een schuld van de schenker aan de begiftigde die pas opeisbaar is na het overlijden van de schenker.
- Samenlevingscontracten waarin een verblijvingsbeding is opgenomen. Een verblijvingsbeding is de afspraak dat gemeenschappelijk vermogen bij overlijden toekomt aan de langstlevende partner.
- Benoemingen die pas ingaan bij overlijden. Een voorbeeld hiervan is de benoeming van een opvolgende bestuurder van een stichting. Dit kan bijvoorbeeld spelen bij een familiestichting met één bestuurder die zelf een opvolger heeft benoemd.
De centrale registratie zorgt ervoor dat deze akten gevonden worden bij overlijden van de schenker, de samenlever of de stichtingsbestuurder.
Uw eigen gegevens inzien bij leven
Het originele exemplaar van uw testament wordt altijd door de notaris bewaard. Zelf krijgt u een kopie mee naar huis. Deze kopie wordt ook wel het “afschrift” genoemd. Het kwijtraken of vernietigen van een afschrift heeft geen juridische gevolgen. Uw testament blijft van kracht totdat u het officieel herroept bij de notaris.
Als u het afschrift van uw testament kwijt bent, dan kunt u een nieuw exemplaar opvragen bij de notaris. Weet u niet meer bij welke notaris u het testament heeft gemaakt? Dan kunt u uw eigen gegevens opvragen bij het CTR. U kunt hiervoor een willekeurige notaris benaderen met de vraag om het CTR in te zien.
Zijn fouten in het CTR mogelijk?
Fouten in het CTR zijn gelukkig zeldzaam, maar ze komen voor. Zo kan het bijvoorbeeld gebeuren dat door een menselijke fout een testament niet is geregistreerd of gekoppeld is aan de verkeerde persoon. Tot 2007 werd het CTR beheerd door het Ministerie van Justitie. Daarna is het register gedigitaliseerd en onder beheer gekomen van de Koninklijke Notariële Beroepsorganisatie (KNB). Ook na de digitalisatie zijn fouten niet volledig uit te sluiten.
Heeft u als nabestaande een uittreksel van het CTR ontvangen waarvan u vermoedt dat het onvolledig is? Dan kunt u een paar dingen doen:
- Was de overledene weduwe of weduwnaar? Vraag dan een CTR uittreksel aan van de overleden partner en controleer of er verschillen zijn. Stellen maken vaak op dezelfde datum een zogenoemd “gelijkluidend testament”. Dit zijn twee testamenten met opeenvolgende nummers in het archief van de notaris.
- In de Basisregistratie Personen (BRP) kunnen meerdere adressen staan waarop de overledene ingeschreven is geweest. Ieder adres in het BRP uittreksel kan een koopwoning zijn waarvan de overledene op dat moment eigenaar was. U kunt een notaris vragen om bij het Kadaster op zoek te gaan naar akten van levering waarbij de overledene partij was. Het is heel gebruikelijk om tegelijk met de aankoop van een woning een testament te maken bij dezelfde notaris. U kunt de betreffende notaris (die de akte van levering verzorgde) of diens opvolger vragen of de overledene nog andere akten heeft ondertekend bij hetzelfde kantoor.
- In de Basisregistratie Personen staat ook of de overledene gehuwd is geweest en op welke datum het huwelijk is voltrokken. Met deze gegevens kunt u bij het huwelijksgoederenregister controleren of er huwelijkse voorwaarden zijn gemaakt. Als dat het geval is, dan kunt u bij de rechtbank een kopie van de huwelijkse voorwaarden opvragen. In die kopie vindt u de naam van de notaris die de voorwaarden heeft gemaakt. Vervolgens kunt u bij die notaris informeren of tegelijk met de huwelijkse voorwaarden ook een testament is ondertekend.
Testamenten die nog geen 20 jaar oud zijn liggen bij de notaris in de kluis. Oudere akten kunnen verplaatst zijn naar een centraal archief van de overheid. Deze akten kunnen nog wel worden opgevraagd door de notaris.
Hoe zit het met buitenlandse testamenten?
Ieder land heeft zijn eigen regels voor het opstellen en registreren van testamenten. In Nederland is het uitgangspunt dat u voor het maken van een testament naar de notaris moet. De registratie wordt ook door de notaris geregeld. Na het overlijden stelt de notaris vast wie de erfgenamen zijn. Dit wordt vastgelegd in een zogenoemde “verklaring van erfrecht”.
U kunt als Nederlander ook een testament maken in het buitenland. Denk bijvoorbeeld aan de situatie dat u voor uw werk een aantal jaren in een ander land heeft gewoond en daar een testament hebt gemaakt. Als dat testament op een geldige manier is gemaakt (dus conform de plaatselijke wetgeving) dan wordt dit testament ook in Nederland erkend.
Bij het opstellen van een verklaring van erfrecht kan de notaris in de Basisregistratie Personen zien of de overledene in het buitenland heeft gewoond. Indien nodig kan de notaris een informatie-aanvraag indienen bij een buitenlands testamentenregister. In sommige landen kunt u zelf een testament maken zonder tussenkomst van een notaris en zonder een verplichte registratie. Hierdoor kan het lastig zijn om met zekerheid vast te stellen of de overledene wel of geen testament had.
Het verschil tussen het CTR en het CLTR
Naast het Centraal Testamentenregister (CTR) bestaat er ook een Centraal Levenstestamentenregister (CLTR). Een levenstestament is een notariële akte waarin iemand uit voorzorg een algemene volmacht verleent aan een vertrouwenspersoon. Op het moment dat iemand niet meer wilsbekwaam is, kan bij het CLTR worden gecontroleerd of er een levenstestament is gemaakt.
De volmacht in het levenstestament eindigt door het overlijden van de volmachtgever. Sommige instanties krijgen automatisch bericht van het overlijden. Hierbij kunt u denken aan de belastingdienst, pensioenfondsen en zorgverzekeraars. Deze instanties weten dus dat de volmacht is geëindigd en dat de gevolmachtigde niet meer bevoegd is.
Banken en andere financiële instellingen krijgen geen bericht van de overheid. Hierdoor kan het gebeuren dat een gevolmachtigde feitelijk nog toegang heeft tot de bankrekening van de overledene. Is dat niet de bedoeling? Dan kunt u dit stopzetten door als erfgenaam zelf het overlijden door te geven aan de bank. Op de website van de bank staat hoe u dit kunt doen.