Wat is een boedelbeschrijving?
Allereerst is het van belang om het begrip “boedelbeschrijving” niet te verwarren met het begrip “aanvaarding onder het voorrecht van boedelbeschrijving”. Met het laatste begrip wordt de beneficiaire aanvaarding van een nalatenschap bedoeld. Het erfrecht gebruikt beide begrippen door elkaar heen voor dezelfde handeling. Een aanvaarding onder het voorrecht van boedelbeschrijving is dus hetzelfde als een beneficiaire aanvaarding.
De boedelbeschrijving is een “beschrijving” van de “boedel”. U kunt het zien als een (voorlopige) inventarisatie waaruit de omvang en samenstelling van de erfenis blijkt.
Artikel 674 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering bepaalt welke gegevens opgenomen moeten worden in de boedelbeschrijving. De belangrijkste hiervan zijn:
- Een korte omschrijving van de bezittingen en schulden, met een eventuele schatting van de waarde van roerende zaken.
- Een opgave van de plaats waar de beschreven zaken zich bevinden.
- Een opgave van de tot de boedel behorende geldsommen (zoals banksaldi en contant geld).
Het opstellen van een boedelbeschrijving is om meerdere redenen van belang:
- Uit de boedelbeschrijving kan blijken dat het saldo van de erfenis negatief is. Dit heeft gevolgen voor de manier waarop de erfenis moet worden afgewikkeld.
- De boedelbeschrijving is een essentieel onderdeel van de informatieplicht van de executeur jegens de erfgenamen.
- Bij een beneficiaire aanvaarding kunnen de schuldeisers van de overledene hun vorderingen alleen verhalen op de erfenis en niet op het eigen vermogen van de erfgenaam. Om deze reden is het voor de schuldeisers belangrijk dat de erfenis wordt geïnventariseerd in een vroeg stadium van de afwikkeling.
Wanneer is een boedelbeschrijving verplicht?
Een boedelbeschrijving is verplicht in de volgende gevallen:
- De erfenis wordt afgewikkeld door een executeur. In dat geval moet de executeur met bekwame spoed een boedelbeschrijving opstellen (artikel 4:146 lid 2 Burgerlijk Wetboek).
- Eén of meer erfgenamen hebben de erfenis beneficiair aanvaard (artikel 4:211 lid 3 Burgerlijk Wetboek).
- Er is sprake van een langstlevende regeling en één van de kinderen verlangt dat er een boedelbeschrijving wordt gemaakt (artikel 4:16 lid 1 Burgerlijk Wetboek).
- De overledene heeft een testamentair bewind ingesteld over de nalatenschap. De bewindvoerder moet in dat geval een beschrijving maken van de goederen waarop het bewind betrekking heeft (artikel 4:160 lid 1 Burgerlijk Wetboek).
Waar vind ik een voorbeeld boedelbeschrijving?
Iedere erfenis is uniek en daarom zijn boedelbeschrijvingen heel verschillend. Veel executeurs maken zelf een boedelbeschrijving in een spreadsheet (bijvoorbeeld in Excel). Een andere optie is de standaard boedelbeschrijving die u in PDF kunt downloaden van de website van de rechtspraak. U kunt er ook voor kiezen om de boedelbeschrijving door een notaris te laten maken.
Wanneer moet een boedelbeschrijving notarieel worden vastgelegd?
Het uitgangspunt is dat een boedelbeschrijving “onderhands” mag worden gemaakt. Met het begrip onderhands wordt bedoeld dat u zelf een document opstelt zonder tussenkomst van een notaris.
In sommige gevallen kunt u verplicht zijn om de boedelbeschrijving bij notariële akte vast te leggen. Een belangrijk onderdeel hiervan is het afleggen van de eed bij een notaris. Deze eed wordt afgelegd door de personen “die vóór de beschrijving de goederen in hun macht hadden of het huis waarin deze zich bevinden bewoond hebben”. De eed houdt in dat deze personen verklaren “dat zij niets hebben verduisterd, noch gezien hebben, noch weten dat iets verduisterd is”. Het afleggen van een valse eed is een strafbaar feit.
De boedelbeschrijving speelt ook een rol bij conflicten over de samenstelling van de nalatenschap. Denk bijvoorbeeld aan de situatie dat één van de erfgenamen vermogen achterhoudt voor de andere erfgenamen. Artikel 3:194 lid 2 van het Burgerlijk Wetboek bepaalt dat een erfgenaam die vermogen verzwijgt, zoek maakt of verborgen houdt, zijn aandeel daarin verbeurt aan de andere erfgenamen. Als u vermoedt dat een erfgenaam vermogen verzwijgt, dan kunt u het beste aansturen op een notariële boedelbeschrijving met een eedaflegging.
- Een notariële boedelbeschrijving is verplicht als een erfgenaam “niet het vrije beheer over zijn vermogen heeft” (artikel 671 Wetboek van burgerlijke rechtsvordering).
- Notariële vastlegging is ook verplicht als de kantonrechter dit beveelt op verzoek van een erfgenaam (artikel 672 lid 1 Wetboek van burgerlijke rechtsvordering). Denk bijvoorbeeld aan de situatie dat een erfgenaam twijfelt aan de juistheid van de informatie die hij ontvangt van de executeur.
Het gebeurt regelmatig dat een onterfde afstammeling vermoedt dat een onderhandse boedelbeschrijving niet klopt. In dat geval kan het onterfde kind de kantonrechter verzoeken om de executeur en de erfgenamen op te roepen om de juistheid van de boedelbeschrijving onder ede te bevestigen (artikel 4:78 lid 2 Burgerlijk Wetboek).